V.l.n.r: Mercy, Judith en Hadiji


Mercy met haar fotoboek


Mercy toont haar fotoboek


Nieuw kantoor


Binnenkant kantoor


Justine


Op de varkensboerderij


Fred droomt


01. Varkentjes wassen

Het is ruim vier uur in de ochtend. Met een taxi zijn we in het donker op weg van het vliegveld Entebbe naar Kampala. Plotseling stuurt de chauffeur de auto naar de kant van de weg. Een grote stoet auto’s passeert ons. President Museveni komt voorbij. Aardig dat hij ons zo welkom heet.

Voorbij vijf uur ontmoeten we Stephanie, onze dochter in een hostel in Kampala. Ondanks het tijdstip gooien we er nog een fles wijn tegenaan. In het begin van de middag komen we boven water. Tijd om naar de Bank of Africa te gaan om een rekening te openen voor het Lejofonds. Daarna gaan we met het openbaar vervoer, wat een tijdrovende operatie is, naar de Mulagoschool for the deaf. Hier gaan drie kinderen met steun van het Lejofonds naar school. We hebben kadootjes bij ons waaronder een fotoboekje met foto’s van ons vorig bezoek. Het is een feest van herkenning. Glunderende gezichten. Zij genieten en wij ook.

Vrijdag gaan we naar Mukono. Onze counterpart heeft voor ons een huis gezocht en wacht ons daar op. Het huis blijkt ver buiten de stad te liggen, te bereiken via een slecht begaanbare weg. Het alternatief is een huis dat nog niet klaar. Dat vraagt nog een week. Geen Oegandese tijd, zo verzekert men ons. Dus nemen we tot die tijd ons intrek in een hotel.

We hebben een ontmoeting met Justine, het meisje van de supermarkt, die via het Lejofonds gesponsord wordt om te kunnen studeren aan de universiteit. Justine ervaart het studeren als zeer prettig. De studie is niet te moeilijk. Een boeiende en levendige ontmoeting met iemand wiens leven totaal veranderd is.

Zaterdag hebben we de eerste, echte, grote vergadering met onze counterpart. We hebben ons er grondig op voorbereid en een agenda opgesteld. We willen spijkers met koppen slaan. Er moeten verschillende varkentjes gewassen worden.

Wanneer we op het terrein van de Good Samaritan Integrated Primary School komen, wachten ons een paar verrassingen. Er is een leerkracht vertrokken en zijn slaapplaats is ingericht als kantoor voor het project “Goat to Goat” Aan de muur hangt het logo van het project en allerlei overzichten. Vergaderen we altijd buiten, vanaf nu zal dat in deze ruimte gebeuren. We bekijken de tuin. Die ziet er goed uit. Schoon. De gewassen staan er goed bij. Aan het eind van het terrein ontdekken we nieuwe stallen met varkens. Men heeft de handen flink laten wapperen. En dat leidt tot complimenten van onze kant en glunderende gezichten bij onze counterpart.

Tijdens de vergadering laten we ons bijpraten over het project “Goat to Goat”, het varkensproject en het tuinproject en bespreken we de volgende stappen. In een later stadium zullen we alle gegevens op de overzichten op de muur vergelijken met onze gegevens. We praten over aanpassingen van het gebouw waarin het kantoor van het Lejofonds nu gehuisvest is. Wanneer we plannen daarin kunnen realiseren hoeft een gepensioneerde leerkracht niet langer in het kippenhok te slapen.

Onze counterpart neemt niet alleen deel aan de genoemde projecten maar is ook verantwoordelijk voor het reilen en zeilen van de school. Voor het schoolgebouw moet jaarlijks 700.000 shilling (221 euro tegen de huidige koers) aan belasting betaald worden. Daarnaast moet elke maand de salarissen van de zeven leerkrachten betaald worden. Gemiddeld verdient een leerkracht 100.000 shilling (32 euro) per maand. Veel ouders kunnen het schoolgeld pas betalen nadat ze zelf een kleine oogst hebben binnengehaald. Een aantal ouders is niet in staat het gehele bedrag te betalen. Kinderen naar huis sturen is het laatste wat men wil. Nu denkt men eraan het terrein van de school nog meer te benutten door het houden van varkens, geiten, kippen en eventueel een paar koeien.

Door de ervaringen vanuit de projecten en met de toekomstige eigen dieren wil men uitgroeien tot een demonstratieboerderij en een kenniscentrum voor de regio. Er zijn investeringen nodig en men hoopt op medewerking van het Lejofonds.We spreken onze gedachten daarover uit.

Uiteindelijk spreken we af dat we zondag een varkensboerderij zullen bezoeken voor verdere informatie en dat we maandag weer verder zullen vergaderen samen met een deskundige op het gebied van landbouw- en veeteelt van de universiteit.

Zondagochtend bezoeken we met elkaar een grote varkensboerderij. De eigenaar is geschoold in Nederland en Denemarken. Een informatief bezoek. Zelf hebben we nog een Engelstalige publicatie over “Pig keeping” van Agrimosa, een organisatie die gelinieerd is aan de universiteit van Wageningen. We willen de gegevens met elkaar vergelijken. En dat betekent vanavond studeren.

Dan is het eindelijk tijd voor een bezoek aan de Bishop Westschool. We zien uit naar een weerzien met onze dove vriendjes. Aan het begin van het terrein zien we Moses, de directeur van de school, staan. Als hij ons ziet, begint hij te glunderen, worden armen wijd open gespreid en voor we het weten, zitten we bij hem thuis op de bank. De uitnodiging om te blijven eten slaan we met moeite af. We willen zo gaag naar de dove kinderen.

En jawel, zo gauw er bij een kind herkenning is, start het doorseinen. Voordat we het weten, komen “onze kinderen” op ons afgerend en vliegen ons letterlijk om de hals. Ontroerende momenten. Het verblijf met de kinderen is een groot feest, dat veel te snel voorbij gaat. Maar we hebben de foto’s nog. Tijdens ons verblijf zullen we hen nog geregeld bezoeken.

Op de terugweg naar het hotel worden we ingehaald door een stoet auto’s, voorafgegaan door een politie-auto met sirene. President Museveni komt weer voorbij. Hij is kennelijk nieuwsgierig naar onze activiteiten.



Geef een reaktie