31 oktober 2010





















07. Together we we’ll build a brighter future!

Tijdens ons verblijf in Oeganda houden we ons bezig met een aantal activiteiten;

– Allereerst hebben we het geitenproject dat we samen met een plaatselijke stichting uitvoeren met als doel zoveel kinderen, m.n. weeskinderen en gehandicapte kinderen naar school te sturen.

– Daarnaast is een project met varkens gestart omdat de ouders van gehandicapte kinderen niet genoeg geld kunnen verdienen met een geit om de hoge internaatskosten te betalen.

– Verder is een tuinbouwproject in uitvoering om onze counterpart, die ook een school onder zijn beheer heeft, extra inkomsten en voeding te verschaffen voor de schoolkinderen.

– Binnenkort starten we met een “homegarden”project. Doel daarvan is dat elke familie binnen het project ”Goat to Goat” een moestuin aanlegt en onderhoudt.

– Onze counterpart wil uitgroeien tot een “demonstrationfarm” en een kenniscentrum voor de regio om veel mensen in de omgeving sterker te maken en te helpen in hun strijd tegen honger en armoede. Wij steunen hen hierin. Dit doen we o.a. door de aanpassing van de omgeving en de gebouwen.

– In samenwerking met een districtsarts voor de lepra geven we directe hulp aan meer dan driehonderd leprapatiënten

– Regelmatig bezoeken we de dove kinderen die m.b.v. het Lejofonds nu onderwijs volgen op de dovenafdeling van de Bishop Westschool. Tijdens ons vorig verblijf hebben we voor hen een vrijetijdsprogramma opgezet.

– Afkomst verloochent niet. We geven aan een drietal scholen, waaronder de dovenafdeling van de Bishop Westschool handvaardigheidslessen en ondersteunen leerkrachten in de uitbouw daarvan.

Change a life. Geef een geit. Zo luidt de openingszin van de website van het Lejofonds. Duidelijk is dat de activiteiten inmiddels behoorlijk verbreed zijn.

De afgelopen twee dagen hebben we doorgebracht met onze dove vriendjes van de Bishop Westschool. We hebben ze een aantal ballen van de Samhoud foundation gebracht. Deze stichting heeft als motto “Together we’ll build a brighter future.”

De stichting heeft onlangs gratis blauwe ballen beschikbaar gesteld met als reden: “We zijn aan de bal, de blauwe bal, de bal van de verbinding. Samen kunnen we een betere toekomst bouwen. Inspireer en verbind je met elkaar”.

Onze dove vriendjes hebben geen weet van dit motto met bijbehorend reden van deze stichting, maar klaarblijkelijk zijn deze ballen voor hen toverballen. Kijkend naar de wijze waarop zij samen plezier beleven aan het spelen met deze ballen zou je haast veronderstellen dat genoemd motto en reden door hen zelf geschreven is.

Vandaag pakt de Bishop Westschool uit met een feestelijk programma t.g.v. de viering van de Internationale Dag van Kinderen met een Handicap. Aanvangstijd 10 uur ’s morgens. Zegt het programma. De Oegandezen weten wel beter. Zij kennen de Oegandese tijd. Je komt gewoon een paar uur later. Dan ben je nog op tijd.

De burgemeester, de pastoor, de inspecteur van onderwijs ze zijn er allemaal. En dat betekent veel speeches. De televisie is ook uitgerukt. Wanneer wij officieel welkom geheten worden met een toelichting op onze activiteiten, krijgen we veel applaus en weet de cameraman niet hoe snel hoe ons close-up in beeld moet brengen. De kinderen en met name de dove kinderen verzorgen vele optredens en dansen. Ongekend talent ontdekken we.

We blijven lang, maar niet lang genoeg om het vijf uur durende programma af te zien. Dat is toch wel afzien. En we willen ook nog naar de Good Samaritanschool om te zien hoe ver de bouw gevorderd is. En dat is ver.



31 oktober 2010











Wacht u voor de hond!

Behalve geiten en varkens kom je op het terrein van onze counterpart ook honden tegen. Als ik in Nederland een hond tegenkom, vooral een blaffende, loop ik het liefst een straatje om. Blaffende honde bijten niet, is het gezegde. Maar ik weet wel beter.

In Oeganda ga ik voor geen enkele hond opzij. Zij gaan voor mij opzij. De honden zijn er bang voor de mensen. Als leerkrachten al met een stok in de hand lesgeven aan kinderen, heb ik een flauw vermoeden wat daarvan de oorzaak is.

Maar soms is de hond in Oeganda de mens toch de baas.

Vanmorgen kom ik bij het kleinste lokaal van de school. Ik hoor de kinderen al van verschillende kanten roepen: “Foto, foto”. Zo gauw een kind je met een fototoestel ziet lopen, begint dat geroep al. Iedereen wil vreselijk graag op de foto. Het kan niet vaak genoeg. Je wordt er een beetje immuun voor.

Ik wil dan ook doorlopen. Maar ik word gedwongen even een blik in het lokaal te werpen. En daar zie ik in een hoekje een hond liggen met een aantal pasgeboren jonkies. Het beest dacht een rustig plekje gevonden te hebben om te jongen. Als de school eenmaal is begonnen, is daar geen sprake meer van. De leekracht besluit dan ook tot een verhuizing. Leerlingen sjouwen de banken het lokaal uit. Daarmee is het lokaal meteen leeg want andere materialen zijn er niet.

Een bankje blijft staan. Daarin zitten een paar leerlingen hun schriften te kaften. Dat doen ze met het papier van lege cementzakken die ze bij de bouw gevonden hebben. Kennelijk is dit zo’n buitenkansje, dat ze dit werk eerst af mogen maken, voordat zij ook zullen verhuizen.

Van de leerkracht van groep 7/8 van basisschool De Bolleberg uit Maria Hoop ontvang ik een mailtje met de volgende inhoud: “We kijken regelmatig op het digibord naar jullie vorderingen in Oeganda. De kinderen staan nog steeds versteld van het grote verschil tussen onze school en die bij jullie”.

Dat zal na dit verslag nog wel even zo blijven.


27 oktober 2010











Uitleg financieel overzicht


06. It’s beautiful!

Het is even de ogen uitwrijven als we vandaag bij het schoolterrein van onze counterpart aankomen. We weten niet waar we het eerst moeten kijken.
De aannemer lijkt op hol geslagen. Twintig man heeft hij laten aanrukken om de afgesproken klus te klaren.

Er wordt gewerkt in drie ploegen. De eerste ploeg neemt de bouw van een nieuw keukengebouw met terras voor zijn rekening.
Een andere ploeg is gestart met het graven van sleuven voor de fundering van een nieuw “officeblok”. Een derde ploeg is bezig met de renovatie van het terrein.

We komen ogen tekort.
Direct hebben we fototoestellen en filmcamera in de aanslag.
En dan komen de werklui ogen te kort. Gefotografeerd en gefilmd worden, daarvoor wil men wel even het beste beentje voorzetten. Het werktempo ligt hoog. Het is erg wam vandaag. De zweetdruppels spatten dan ook in het in het rond.

Rond tien uur brengt een vrouw plakjes cassava, een soort zoete witte wortel, rond. Voor vele werkluiis dit het eerste eten van vandaag.

Elke ploeg werkt met een voorman. Deze heeft een briefje met een ruw schetsje hoe het werk er uiteindelijk uit moet gaan zien.
Dit moet blijkbaar voldoende zijn. Maar dat is het niet, merken we.
Uit de gegraven gleuven voor de fundering van het officeblok constateren we dat dit gebouw kleiner gaat uitvallen dan de bedoeling is.
Dus slaan we alarm. Er wordt nu druk getelefoneerd met de aannemer. Het werk wordt stilgelegd tot de aannemer arriveert voor nader overleg.

Fred Migadde heeft dit alles niet meegemaakt. Hij is in Mukono om gegevens te laten printen. Later blijkt dat hij de hele nacht heeft doorgewekt met een nieuw aan te stellen “headmaster” om voor ons een verantwoord financieel overzicht van de school op Excel samen te stellen.

Fred komt terug wanneer het terrein op een grote puinhoop lijkt. “Wat vind je ervan, Fred?”, vraag ik. “It’s beautiful,” antwoordt Fred. Zijn droom wordt gerealiseerd en dan is alles mooi.






26 oktober 2010















05. Dreams come true

We hebben er een paar ouwerwetse vergaderdagen opzitten. Meerdere vergaderingen per dag. Zondags niet uitgezonderd. Daarbij hebben we verschillende keren kunnen genieten van een Oegandese gewoonte: een tijd afspreken en veel later komen. Het record: Om tien uur ’s morgens afspreken, om half twee ’s middags iemand zien aankomen. Dat went nooit.

Met onze counterpart de stichting FDEDEPO, onder aanvoering van Fred Migadde, voeren we verschillende projecten uit. FDEDEPO heeft ook een school onder zijn beheer. Het schoolgeld is moeiljk inbaar. Het aantal wanbetalers is te groot. De school heeft het daardoor moeilijk de financiële eindjes aan elkaar te knopen. Het bestuur heeft besloten een aanzienlijke lening bij de bank te vragen. De bank vraagt een rente van meer dan 25%. Zo wordt een lening een wurgcontract. We weten onze counterpart te overtuigen hiervan af te zien. We komen met een aantal andere adviezen.

Dit alles is voor ons aanleiding eens flink in de financiële huishouding van de school te duiken. Daar is het nodige aan te verbeteren. Tot onze verbazing werkt Fred Migadde zonder een salaris te krijgen. Alleen een onkostenvergoeding valt hem ten deel. Hij noemt zichzelf vrijwilliger. Een aantal weeskinderen wordt opgevangen zonder dat daar een vergoeding tegenover staat.

De begroting van de aannemer vraagt ook het nodige overleg en vergadertijd.. Wanneer we de afmetingen van de keuken naar beneden bijstellen, willen we dat terugzien in de begroting. Dat blijkt niet zo eenvoudig te zijn.

Wanneer de aannemer voor de aanleg van een paar grote cementen oppervlakten alleen het benodigde materiaal op de begroting zet, willen wij graag een vierkante meter prijs. Die komt er uiteindelijk. Maar als we daarmee gaan rekenen, wordt het eindbedrag aanzienlijk hoger. We weten niet hoe snel we akkoord moeten gaan met de oorspronkelijk begroting voor dit onderdeel.

We vertellen de aannemer dat bij een akkoord we toch wel een flesje wijn van hem verwachten. Ook leggen we hem uit wat pannenbier is. En na afloop van het karwei zien we een groot feest in het verschiet. Het pannenbier krijgen we er niet door en daar schikken we ons dan maar in.

We bakkeleien wat over de termijnen van betaling, maar ook daar vinden we elkaar uiteindelijk. Na de eerste aanbetaling zal de aannemer beginnen met het transport van het materiaal. Blijkbaar stralen we vertrouwen uit, want al voor de eerste aanbetaling komen vrachtauto’s met materialen het terrein van de school opgereden. Lesgeven is er niet meer bij. De kinderen willen weten wat er aan de hand is.

Samen met Fred Migadde bekijken we dit schouwspel. “Trots Fred, als alles klaar is?” vraag ik. “Dreams come true””, antwoordt Fred. De stem, de klank, de ontlading: hartstochtelijk, zielsgelukkig en toch ingetogen. Bij Herma springen spontaan de tranen in de ogen.



26 oktober 2010

Kiplekker

Alex, één van onze dove vriendjes die m.b.v. het Lejofonds en een Nederlandse sponsor nu naar de dovenschool gaat, heeft een grote broer, Peter. Peter wil graag eens met ons praten. We vermoeden dat hij onze hulp wil inroepen voor een noodlijdend schooltje waar hij werkt.

Herma nodigt hem uit voor een etentje en vraagt hem Alex mee te nemen. Herma zou het liefst alle dove vriendjes willen meenemen om thuis hun honger te stillen wat betreft handvaardigheid. De school staat dat helaas niet toe. Peter is verantwoordelijk voor Alex en hij kan Alex meenemen.

Op de afgesproken tijd (!!) komt Peter zonder Alex aan. Dat pikt Herma niet. Peter wordt weggestuurd om Alex te halen. Het is al bijna donker wanneer Peter met Alex terug komt.

In ons gezelschap bevinden zich twee Nederlanders die in Oeganda zijn om bedrijven te adviseren. Dat is even een drempel voor Alex.

Herma komt met een sticker- en kleurboek. Alex slaat aan het kleuren en plakken. Het stelt hem zichtbaar gerust.

Dan is het tijd om te eten. Voor Alex is er patat met kip. Dat ziet hij niet elke dag, laat staan dat hij het te eten krijgt. De patatjes zijn zo maar naar binnen. En dan ligt daar nog de kip. De kip is om te kluiven. Het is een hele kluif.
Maar wat voor eentje. Om je vingers bij af te likken. Wat uiteindelijk rest, zijn wat botjes. En Alex? Alex voelt zich kiplekker!


23 oktober 2010

















04 Nakati, dodo en skoemawietsj

Varkens en verbouwingen. Het is voer voor de eerste weblogafleveringen. Hoogste tijd voor geitengemekker.

In het kantoor(tje) van het project “Goat to Goat” zijn de muren behangen met verschillende overzichten. Er zijn lijsten met namen van families die een geit gekregen hebben. Er wordt vermeld welke dove kinderen m.b.v. het Lejofonds naar school gaan. Er is zelfs een overzicht van families die een zak cement hebben gekregen voor het bouwen van een varkensstal.

In de hoek staat een rek met het opschrift FDEDEPO/Lejofonds, de twee stichtingen die met elkaar samenwerken in o.a. het project “Goat to Goat”. In dit rek liggen mappen, eentje voor en van elke familie die een geit gekregen heeft. Hierin staat het reglement van het project, het contract wat met de familie is afgesloten en de persoonlijke gegevens van de familie. Verder moet er in bijgehouden worden wanneer de coördinator van het project, de uitvoerder en de veearts de families hebben bezocht en wat hun bevindingen zijn. Tenslotten worden een aantal gegevens over de betreffende geit bijgehouden.

We vlooien alle mappen door in het bijzijn van Fred Migadde, onze counterpart en huidig coördinator. Het registreren van de nodige gegevens blijkt toch niet zo eenvoudig voor de mensen hier te zijn als wij gedacht hebben. De coördinator vraagt daarin ons advies en hulp.

We komen een recent rapport tegen van de veearts. Tot ons groot genoegen geeft de veearts aan dat in de sub-counties Seetah Nazigo en Nkonkonjeru het project naar behoren loopt. Er valt nog wel het een en ander te verbeteren, maar toch is hij tevreden. In Mukono Town Council laat bij teveel families de hygiene te wensen over.

De veearts doet de aanbeveling voor alle families een meeting of een workshop te houden waarin nog eens de kernpunten in het verzorgen van geiten naar voren komen. De families kunnen dan ook ervaringen met elkaar delen en eventuele wensen naar voren brengen. Even flink mekkeren dus!

De veearts geeft verder het advies te starten met een moestuin (home garden) voor elke familie om zo hun positie verder te verbeteren.

Daarover praten we door met Fred Migadde. Waar moeten we aan denken bij een beginnende moestuin? Fred weet het antwoord. Vijf bananenplanten, twintig cassavaplanten.Verder is er zaad nodig van een plant waarvan de naam klinkt als skoemawietsj. Zo moeilijk als de naam klinkt, zo moeilijk is ook uit te leggen wat voor plant het is. Helemaal niet dus. Verder is er nog zaad nodig van nakati en dodo. De namen van deze planten krijgen we foutloos over onze lippen, maar we hebben geen idee over welke planten we het hebben..

De kosten zijn te overzien. Het idee is prachtig. We staan er volledig achter. Pratend over een mogelijke aanpak komen we uiteindelijk op het volgende: Het Lejofonds betaalt de kosten voor planten en zaad voor die families die er blijk van hebben gegeven dat zij goed kunnen zorgen voor een geit en dat ze de stal schoon houden. Andere families moeten dan maar aan de bak om ook zover te komen. Dat er grote interesse is voor een eigen moestuin is wel zeker.

Fred Migadde neemt contact op met de veearts om op zo kort mogelijke termijn een meeting voor alle families te organiseren.. Twee onderwerpen zijn al bekend: Het verzorgen van geiten en het realiseren van een moestuin. En wij? Wij struinen straks het internet af op zoek naar skoemawietsj, nakati en dodo.




21 oktober 2010

Overleg over begroting


Overleg ter plaatse


Plattegrond keuken met buitenplaats


Hoe zit het ook al weer?


Plaats van de keuken


Aanwijzingen voor renovatie


03. We zien perspectief!

De aannemer heeft zijn begroting klaar. We komen bij elkaar in het nieuwe kantoor(tje) van het project “Goat to Goat”. Behalve de aannemer zijn Fred 1 en Fred 2 van FDEDEPO, onze counterpart aanwezig en wij, Leo en Herma Annyas vertegenwoordigen het Lejofonds.

Het is benauwd in de kleine ruimte. De Oegandezen gebruiken geen deodorant. Het duurt dan ook niet lang of we worden getrakteerd op de ons al bekende penetrante Oegandese lijfsgeur. Daar is geen ontsnappen aan mogelijk. Het maakt de ruimte nog benauwder, verstikkend zelfs.

We krijgen negen bladzijden met berekeningen voorgeschoteld. Dat wordt een lange zit. Dat blijkt. Elk onderdeeltje wordt bij langs gelopen en toegelicht.
Al gauw valt ons op dat de prijs van een aantal posten in slechts een paar dagen flink gestegen is tot zelfs 33% aan toe. Een signaal dat we voor onszelf de begroting naderhand nog eens goed moeten doorvlooien.

Het keukengebouwtje hebben we de afmeting van 3 bij 3 meter gegeven. De aannemer blijkt een ruimdenkend man te zijn. Op zijn begroting is de keuken ineens 5 bij 5 meter. De prijs is daarop uiteraard aangepast.

Nadat bij iedereen de zweetdruppels tevoorschijn zijn gekomen zijn we toe aan de tekeningen die de aannemer ter verduidelijking heeft toegevoegd. Even denken we dat de aannemer zijn zoontje aan het tekenen heeft gezet. Op de diverse tekeningen zijn de verhoudingen zoek. Ook perspectief tekenen blijkt een lastige klus geweest te zijn. Een afsluitende muur naast een wandelpad lijkt niet meer rechtop te staan. De aannemer is zichtbaar trots op zijn tekeningen. Dus nemen we maar aan dat hij ze zelf gemaakt heeft.

We krijgen het hele pakket mee als huiswerk. Als we daar aan toe zijn, zien de bladzijden al gauw blauw van de aantekeningen. Dat belooft dus de volgende keer een transpiratierijke vergadering te worden.

Voor het zover is gaan we de tekeningen met de werkelijkheid vergelijken om een beter beeld te krijgen. Dat leidt al gauw tot wijzigingen. Ook zetten we met wat paaltjes en touw de omtrek van de keuken neer. Er zullen wat bananenbomen moeten sneuvelen op de plaats waar de keuken komt. Kennelijk werken onze verkennende oefeningen aanstekelijk. Een paar uur later merken we dat men al begonnen is met de voorbereidingen om de bananenbomen te verplaatsen.

Nou nog even vergaderen en de keuken staat er.

De eerste twee tekeningen worden door het Lejofonds ingebracht. De andere tekeningen zijn verzorgd door de aannemer.




18 oktober 2010

Ingang nursery


Water om stuiven te voorkomen


Ruwe vloer


Interieur klas


Schoolbord


Lesgeven zonder materiaal


Steentjes vervangen de blokken


02. Een kijkje in de keuken

Tijdens ons vorig verblijf, begin dit jaar, hebben we al eens gekeken naar de gebouwen op het terrein van de Good Samaritan Integrated Primary School. Het gaat dan om de school zelf, de werkruimte van onze counterpart, de woonruimtes van de leerkrachten en de keuken van de school.
Toen al was zonder meer duidelijk dat er nog heel wat veranderd en verbeterd moest worden, zeker in de wetenschap dat de school wil uitgroeien tot een kenniscentrum met daarbij een demonstratieboerderij.

Direct naast de school staat een grote watertank, bedoeld om via de goten van het schoolgebouw regenwater op te vangen. De tank is lek, de goten zijn stuk. Geld voor reparatie is er niet. Kostbaar regenwater gaat zo verloren.

In de “nursery” worden 30 kinderen van 3 t/m 5 jaar in verschillende groepen in 1 lokaal opgevangen.
De vloer van het lokaal is net een onverharde weg met steenslag. De vloer moet regelmatig nat gemaakt worden, want anders stuift het teveel door de wind die vrij spel heeft in het lokaal. Spelen op de grond is uitgesloten.

Veel te spelen valt er so wie so niet want er is geen materiaal. Als alternatief voor blokken laat de leerkracht de kinderen steentjes zoeken waarmee ze buiten kunnen spelen in de schaduw van een grote boom. Het lokaal schreeuwt om een opknapbeurt. Daarna zou het ook heel goed te gebruiken zijn als ruimte voor het houden van seminars, workshops e.d. Dit past goed bij de plannen om een kenniscentrum voor de regio te realiseren.

Tegenover de school staat een gebouw waarin zich de werkruimte van onze counterpart bevindt en de woonruimtes van een paar leerkrachten. Het zijn hokken waar je bij wijze van spreken je kont niet kunt keren. Achter het gebouw staat een houten keet, een soort kippenhok waar een gepensioneerde leerkracht slaapt tussen het tuingereedschap. In deze ruimte is de school ooit begonnen. Dit alles is nu niet bepaald representatief.

De keuken is gehuisvest in een gebouwtje in een uithoek van het terrein, op een behoorlijke afstand van de school. Hier staan in een bouwval twee pannen op twee aparte vuurtjes.
Wat verderop, in dezelfde ruimte wordt hout gehakt voor het vuur. Bij het begrip keuken hebben wij een heel andere voorstelling.

Eerder hebben we flink ons hoofd gebogen hoe we verbeteringen kunnen aanbrengen zodanig dat dit ook ten dienste staat van een toekomstig kenniscentrum. Dochter Stephanie met een achtergrond van bachelor bouwkunde hebben we onze ideeën laten omzetten in tekeningen.

De keuken moet naar voren worden verplaatst. Om ons een goed beeld te kunnen vormen van een goed functionerende keuken, waarin het eten moet worden gemaakt voor grote groepen, hebben we deze dagen twee scholen bezocht die een goed voorbeeld zijn.

Uiteindelijk leggen we onze ideeën voor aan onze counterpart. Ze zijn sprakeloos. Maar toch nog genoeg bij monde om een aannemersbedrijf een begroting te laten opstellen. Vandaag hebben we de zaken met de aannemer besproken. Die werd met het uur enthousiaster. En niet alleen omdat een toekomstige opdracht groter werd door enkele aanvullingen van onze kant. Over een paar dagen krijgen we de definitieve begroting voorgeschoteld. We hopen dan knopen door te hakken. Via de weblog houden we iedereen dan op de hoogte van de veranderingen.

Voor nu geven we via de foto’s verder een beeld van de huidige situatie. Wanneer de verbouwingen achter de rug zijn, hopen we ook nog iets te kunnen doen aan het meubilair. Zoals een foto van een stoel uit het kantoor van onze counterpart laat zien is dat geen overbodige luxe. Saillant detail: Op de foto is te zien dat er een tak op de stoel ligt. Onmisbaar gereedschap voor een leerkracht in Oeganda. Daar wordt driftig gebruik van gemaakt, hebben we op verschillende scholen ervaren. Maar alleen als men er geen erg in heeft dat je er bent.




11 oktober 2010

V.l.n.r: Mercy, Judith en Hadiji


Mercy met haar fotoboek


Mercy toont haar fotoboek


Nieuw kantoor


Binnenkant kantoor


Justine


Op de varkensboerderij


Fred droomt


01. Varkentjes wassen

Het is ruim vier uur in de ochtend. Met een taxi zijn we in het donker op weg van het vliegveld Entebbe naar Kampala. Plotseling stuurt de chauffeur de auto naar de kant van de weg. Een grote stoet auto’s passeert ons. President Museveni komt voorbij. Aardig dat hij ons zo welkom heet.

Voorbij vijf uur ontmoeten we Stephanie, onze dochter in een hostel in Kampala. Ondanks het tijdstip gooien we er nog een fles wijn tegenaan. In het begin van de middag komen we boven water. Tijd om naar de Bank of Africa te gaan om een rekening te openen voor het Lejofonds. Daarna gaan we met het openbaar vervoer, wat een tijdrovende operatie is, naar de Mulagoschool for the deaf. Hier gaan drie kinderen met steun van het Lejofonds naar school. We hebben kadootjes bij ons waaronder een fotoboekje met foto’s van ons vorig bezoek. Het is een feest van herkenning. Glunderende gezichten. Zij genieten en wij ook.

Vrijdag gaan we naar Mukono. Onze counterpart heeft voor ons een huis gezocht en wacht ons daar op. Het huis blijkt ver buiten de stad te liggen, te bereiken via een slecht begaanbare weg. Het alternatief is een huis dat nog niet klaar. Dat vraagt nog een week. Geen Oegandese tijd, zo verzekert men ons. Dus nemen we tot die tijd ons intrek in een hotel.

We hebben een ontmoeting met Justine, het meisje van de supermarkt, die via het Lejofonds gesponsord wordt om te kunnen studeren aan de universiteit. Justine ervaart het studeren als zeer prettig. De studie is niet te moeilijk. Een boeiende en levendige ontmoeting met iemand wiens leven totaal veranderd is.

Zaterdag hebben we de eerste, echte, grote vergadering met onze counterpart. We hebben ons er grondig op voorbereid en een agenda opgesteld. We willen spijkers met koppen slaan. Er moeten verschillende varkentjes gewassen worden.

Wanneer we op het terrein van de Good Samaritan Integrated Primary School komen, wachten ons een paar verrassingen. Er is een leerkracht vertrokken en zijn slaapplaats is ingericht als kantoor voor het project “Goat to Goat” Aan de muur hangt het logo van het project en allerlei overzichten. Vergaderen we altijd buiten, vanaf nu zal dat in deze ruimte gebeuren. We bekijken de tuin. Die ziet er goed uit. Schoon. De gewassen staan er goed bij. Aan het eind van het terrein ontdekken we nieuwe stallen met varkens. Men heeft de handen flink laten wapperen. En dat leidt tot complimenten van onze kant en glunderende gezichten bij onze counterpart.

Tijdens de vergadering laten we ons bijpraten over het project “Goat to Goat”, het varkensproject en het tuinproject en bespreken we de volgende stappen. In een later stadium zullen we alle gegevens op de overzichten op de muur vergelijken met onze gegevens. We praten over aanpassingen van het gebouw waarin het kantoor van het Lejofonds nu gehuisvest is. Wanneer we plannen daarin kunnen realiseren hoeft een gepensioneerde leerkracht niet langer in het kippenhok te slapen.

Onze counterpart neemt niet alleen deel aan de genoemde projecten maar is ook verantwoordelijk voor het reilen en zeilen van de school. Voor het schoolgebouw moet jaarlijks 700.000 shilling (221 euro tegen de huidige koers) aan belasting betaald worden. Daarnaast moet elke maand de salarissen van de zeven leerkrachten betaald worden. Gemiddeld verdient een leerkracht 100.000 shilling (32 euro) per maand. Veel ouders kunnen het schoolgeld pas betalen nadat ze zelf een kleine oogst hebben binnengehaald. Een aantal ouders is niet in staat het gehele bedrag te betalen. Kinderen naar huis sturen is het laatste wat men wil. Nu denkt men eraan het terrein van de school nog meer te benutten door het houden van varkens, geiten, kippen en eventueel een paar koeien.

Door de ervaringen vanuit de projecten en met de toekomstige eigen dieren wil men uitgroeien tot een demonstratieboerderij en een kenniscentrum voor de regio. Er zijn investeringen nodig en men hoopt op medewerking van het Lejofonds.We spreken onze gedachten daarover uit.

Uiteindelijk spreken we af dat we zondag een varkensboerderij zullen bezoeken voor verdere informatie en dat we maandag weer verder zullen vergaderen samen met een deskundige op het gebied van landbouw- en veeteelt van de universiteit.

Zondagochtend bezoeken we met elkaar een grote varkensboerderij. De eigenaar is geschoold in Nederland en Denemarken. Een informatief bezoek. Zelf hebben we nog een Engelstalige publicatie over “Pig keeping” van Agrimosa, een organisatie die gelinieerd is aan de universiteit van Wageningen. We willen de gegevens met elkaar vergelijken. En dat betekent vanavond studeren.

Dan is het eindelijk tijd voor een bezoek aan de Bishop Westschool. We zien uit naar een weerzien met onze dove vriendjes. Aan het begin van het terrein zien we Moses, de directeur van de school, staan. Als hij ons ziet, begint hij te glunderen, worden armen wijd open gespreid en voor we het weten, zitten we bij hem thuis op de bank. De uitnodiging om te blijven eten slaan we met moeite af. We willen zo gaag naar de dove kinderen.

En jawel, zo gauw er bij een kind herkenning is, start het doorseinen. Voordat we het weten, komen “onze kinderen” op ons afgerend en vliegen ons letterlijk om de hals. Ontroerende momenten. Het verblijf met de kinderen is een groot feest, dat veel te snel voorbij gaat. Maar we hebben de foto’s nog. Tijdens ons verblijf zullen we hen nog geregeld bezoeken.

Op de terugweg naar het hotel worden we ingehaald door een stoet auto’s, voorafgegaan door een politie-auto met sirene. President Museveni komt weer voorbij. Hij is kennelijk nieuwsgierig naar onze activiteiten.




11 oktober 2010

Effe kieken

We moeten Kampala in om ergens pasfoto’s te laten maken. Die zijn nodig om een bankrekening te kunnen openen. We nemen de benenwagen richting centrum. In een straat met kleine, donkere, rommelige winkeltjes zien we plotseling een bordje met het opschrift “Pasfoto’s”.

We struikelen een donkere ruimte binnen.We krijgen te verstaan dat we voor pasfoto’s naar achteren moeten. Via een kruip- door, sluip- door-route komen we daar. We mogen plaatsnemen op een gammele bank. Dat doen we met enige voorzichtigheid. De bank houdt ons gelukkig.

Twee personen die een pasfoto willen laten maken. Zoveel filmvoorraad is er niet. We worden verzocht geduldig te wachten. Er wordt, wie weet waar vandaan, nieuwe voorraad film gehaald. Men gidst ons nu door een doolhof van gangetjes. Plotseling staan we, tot onze verrassing, op straat.

We moeten voor een muur gaan staan die wit geverfd is. Wanneer de foto’s genomen zijn, probeert de fotografe, door verwoed te wapperen, enige kleur in het geheel te krijgen.Uit haar enthousiasme af te leiden, lijkt haar dat te lukken. Het tegendeel blijkt waar. We hebben nog nooit zulke bleekscheten op een foto gezien. “Worden deze foto’s wel geaccepteerd bij de bank?”, is onze vraag. “Ja”, zegt de fotografe. “Nee”, zegt de bankmanager.

Uiteindelijk wil hij het ons niet aandoen opnieuw foto’s te laten maken. Met een beetje goede wil kunnen we nu over een week via onze bankaccount betalingen doen.