12. Terugblik Oeganda 2011-2012

Drie maanden Oeganda zijn voorbij gevlogen. We hebben gedaan wat we wilden doen, we hebben aangepakt waar we onverwachts voor kwamen te staan. Het was boeiend, soms ook heftig , emotioneel en ingrijpend. Er is veel gebeurd. We zetten alles nog even op een rijtje.

Evaluatie project Goat to Goat

De evaluatie van het project Goat to Goat heeft geleid tot het opstarten van een nieuw project in Seeta Nazigio naar een nieuw model. Naast dit project blijft het oude project lopen. In Knonkonjeru is een “member committee” opgericht dat het project “Goat to Goat”zelfstandig verder voert in deze regio.

Project Solar Cooking

In Seeta Nazigo zijn workshops gehouden over solar cooking waaruit een project Soalr Cooking is voortgekomen.

Medische hulp

Vergeleken met vorige keren is er vaker een beroep gedaan op het Lejofonds medische hulp mogelijk te maken voor mensen die dat dringend nodig hadden.

-Dankzij tijdige steun van het Lejofonds is het leven behouden gebleven van een vrouw die een dood kind moest baren. -De gehandicapte jongen Ramazan is onderzocht in het ziekenhuis. Helaas blijkt een operatie niet mogelijk. We gaan we na hoe hij een gewenste begeleiding kan krijgen. -Voor een man die twee jaar lang tevergeefs naar medische hulp heeft gezocht en in angst leefde dat hij aan kanker leed, heeft het Lejofonds medisch onderzoek mogelijk gemaakt waaruit blijkt dat hij niet aan kanker lijdt, maar door een betrekkelijk eenvoudige operatie van zijn probleem verlost kan worden. Ook deze operatie maakt het Lejofonds mogelijk. -Voor mister Spencer, headmaster van de Kizimbizi school, een van de scholen waar we mee samenwerken, dreigt invaliditeit doordat hij problemen heeft met lopen. Ook hier heeft het Lejofonds gezorgd voor onderzoek in het ziekenhuis en de aanschaf van speciale schoenen waardoor hij langer mobiel kan blijven. De kinderen Kato en Maureen, beiden uit het zelfde gezin, beiden ongelukkig ten val gekomen hebben een noodzakelijke behandeling gekregen in het ziekenhuis dankzij het Lejofonds. Slyvia, een kind met een vergroeide voet is dankzij de steun van het Lejofonds daar succesvol aan geopereerd.

Dove kinderen

Met de grootouders van de dove jongen James hebben we een gezamenlijke overeenkomst om James op school te houden door tijdig het schoolgeld bijeen te brengen. Voor enkele andere kinderen zijn we nog bezig een dergelijke overeenkomst op te stellen.

Mikro-krediet

Henri, de man met de drie banen hebben we een mikro-krediet verleend om het mogelijk te maken het winkeltje van zijn vrouw wat uit te breiden zodat er meer inkomsten binnen komen waardoor hij in de toekomst misschien terug kan gaan naar twee banen wat zijn gezondheid ten goede komt. Adams, onze medewerker in Oeganda hebben we een kleine lening gegeven waardoor het voor hem mogelijk wordt een jeugdvoetbaltoernooi te organiseren.

Schoolgeld

Het Lejofonds betaalt het schoolgeld voor Ramazan zodat hij voorlopig naar school kan gaan. Ook betaalt het Lejofonds het schoolgeld voor Sarah zodat zij niet langer op straat bananen hoeft te verkopen.

Kasten en leermaterialen

Een drietal scholen waar we mee samenwerken hebben we een kast gegeven waardoor het voor hen mogelijk wordt leermaterialen die we meegebracht hebben een veilige plek te geven.

NGO-certificaat

Voor het Lejofonds zijn we druk bezig geweest een aanvraag voor een NGO certificaat in te dienen waardoor het Lejofonds officieel erkend wordt door de Oegandese autoriteiten.

Malversaties

Er is een halt toegeroepen aan de malversaties gepleegd door de man die ‘” de weg kwijt” is. De schade is vergoed.

Toiletten Kizimbizischool

De toiletvoorziening van de Kizimbizischool is beneden elk peil waardoor de school met sluiting wordt bedreigd. We hebben besloten tot de bouw van vier nieuwe toiletten.

Aanstellingen

Er is een nieuwe coördinator voor het project “Goat to Goat 1 en 2” aangesteld. Zijn naam is Daniel Kibago. Voor het project Solar Cooking is Adams Inensiko aangesteld.
Alles overziend zijn wij van mening dat ons verblijf voor het Lejofonds betekenis heeft gehad. We willen iedereen die ons gevolgd heeft en gesteund van harte bedanken.

Leo en Herma Annyas


Groeten van de coördinator

Direct bij thuiskomt troffen we onderstaand bericht aan van Daniel Kibago, de nieuwe coördinator van de projecten “Goat to Goat 1 en 2” . Daniel is afgestudeerd aan de Kyambogo University. Hij is sociaal werker en als programma manager verbonden aan de organisatie FINIDP (Friends In Need Integrated Development Project.).


België – Nederland – Oeganda

Herman Longin en Ria Coppens uit België voeren verschillende projecten uit in Oeganda. Leo en Herma Annyas hebben hen zowel in Oeganda als België ontmoet.. Ook dit keer, nu Herman en Ria voor de twintigste keer in Oeganda zijn. In hun nieuwsbrief schrijven zij over deze ontmoeting het volgende:

“ …..We zijn dus de voorbije week een weekje gaan toeren met onze beste vriend Francis als gids en chauffeur. We bezochten eerst Herma en Leo, een Nederlands koppel die hier een prachtproject hebben in MUKONO, een 40 tal kilometer van Kampala. Het was een blij weerzien, jammer dat zij deze week terug naar Nederland vertrekken, na een verblijf van drie maanden. Enkele uurtjes bijpraten …… dan gaat de tijd vlug. Zij hebben hier weer super goed werk verricht en hebben o.a. enkele workshops georganiseerd voor SOLARCOOKING met de hulp van een bedrijf uit Kampala.

Zij hebben met dit bedrijf ook over ons project gepraat, dus de deur staat hier al open voor ons, deze week staat er alvast een meeting met de mensen van Solarcooking op het programma.

Solarcooking is koken met behulp van de warmte van de zon. Een zwarte kookpot met het voedsel erin wordt in een speciale plastiek zak gestoken, deze pot wordt dan midden een kartonnen plaat, bedekt met een zilverpapier, geplaatst en naar de zon gedraaid. Door de weerkaatsing en warmte van de zon wordt de zwarte pot opgewarmd en alzo het voedsel klaargemaakt.

Het is een eenmalige investering voor de families en ze sparen zo vele shillings uit omdat ze minder houtskool moeten kopen. Het is daarbij nog goed voor het milieu hier.

Het is onze bedoeling om ook in onze school een demonstratie hierover te houden voor de omliggende families.

Na het bezoek bij Herma en Leo zijn we verder gereden naar onze school……..”



Kiezen of het voor je kiezen krijgen

Verslag twee heeft als titel “De weg kwijt”. We verhalen hoe iemand oneigenlijk gebruik heeft gemaakt van gelden van het Lejofonds. De bewuste persoon heeft toegezegd, met behulp van zijn stichting FDEDEPO de toegebrachte schade te zullen vergoeden.

We stellen een schadelijstje samen en laten dit bekrachtigen door een advocaat. Daarbij stellen we de eis dat we het betreffende geld terug willen hebben voor ons vertrek naar Nederland. Dat is een probleem. Maar niet ons probleem.

Er is een aantal keren overleg over de verschillende mogelijkheden die er zijn om aan onze eis tegemoet te komen. Langzamerhand dringt echter het besef door dat overleggen synoniem staat voor tijdrekken.

De advocaat is de huisadvocaat van onze “vriend” en die lijkt daar aan mee te doen. Kennelijk denkt men dat bij ons vertrek het probleem zich vanzelf oplost. Vlak voor vertrek lost het probleem zich op, maar anders dan men gedacht heeft.

We stappen naar de politie. De politieman die ons te woord staat neemt een verklaring op. Hij heeft snel in de gaten hoe de vork in de steel zit. Hij is van het slag dat volop beantwoordt aan de slogan “ de politie is je beste vriend”.

Hij zegt toe onmiddellijk na ons gesprek contact op te nemen met de advocaat en de man die “de weg kwijt is”. Misschien moeten we nu zeggen met de beide mannen die de weg kwijt zijn.

’s Middags krijgen we een telefoontje van de politie. Het geld is voor het grootste deel terug. Geld terug of gearresteerd worden is de voorgelegde keuze. En als je weet hebt van het gevangenisleven in Oeganda is de keuze niet zo moeilijk meer. Al moet je het geld bij wijze van spreken zelf nog drukken.


Licht in de duisternis

In verslag 6 schrijven we dat de buren van Henri een gehandicapt kind hebben. Het kind, Muuduu geheten, komt nooit buiten en zit vaak opgesloten in een kamer. Volgens moeder kan het kind niet geopereerd worden. Moeder komt niet met het kind buiten omdat ze bang is dat hij anderen stoort. Met een buggy of een rolstoel zou ze het wel aandurven.

Moeder heeft zelf al een winkel in Kampala gevonden waar ze volgens haar goede buggy’s verkopen. En dat betekent dat we samen naar Kampala gaan. Henri gaat ook mee om te “tolken”.

De winkel blijkt in een afgelegen wijk van Kampala te liggen en dat betekent meermalen overstappen in verschillende taxi’s. Het klinkt heel aangenaam, vervoer per taxi. Het zijn echter een soort volkswagenbusjes waar minimaal 14 mensen ingepropt worden. Het zit benauwd en dit wordt nog vergergerd door de indringende lichaamsgeuren van de Oegandezen die geen deodorant gebruiken.

Als we eenmaal bij de betreffende shop zijn aangekomen zien we de buggy’s buiten staan. We zien ook onmiddellijk dat deze dingen niet de gewenste kwaliteit hebben. En als we dat vertellen zien we ook de grote teleurstelling bij de moeder van Muuduu. Begrijpelijk!

We gaan zelf op zoek en komen uit bij een gespecialiseerd bedrijf in Kampala. Adams, onze Oegandese medewerker brengt een bezoek aan het bedrijf en de kwaliteit van de aanwezige buggy’s wordt goedgekeurd. De moeder van Muuduu krijgt te horen dat er een buggy in aantocht is.

Dan horen we van Anita, die binnenkort met een buggy en rolstoel vanuit Nederland naar Oeganda komt dat ze een buggy voor Muuduu heeft.

Weer moeten we moeder berichten dat nog enig geduld nodig is. En weer is er teleurstelling.

Maar als Anita dan uiteindelijk komt met de buggy is ook moeder duidelijk dat geduld belooond wordt. Het is zonneklaar dat deze buggy van grote kwaliteit is. Tot vreugde van moeder.

Er wordt meteen proefgereden. Muuduu is in zijn element. Nu is het zaak dat de buggy elke dag gebruikt wordt. Moeder zegt het toe. Henri zal het in de gaten houden. Muuduu gaat een ander leven tegemoet.


Het is niet eerlijk!

In aflevering 5 hebben we onder de titel “Hulp, hulpeloos, help” en in aflevering 7 onder de titel “Een hele operatie” geschreven over Ramazan. Hoe is het afgelopen met Ramazan?

Ramazan is terug geweest naar het ziekenhuis. Er is een klein stukje spierweefsel van hem weg genomen voor onderzoek. Een week later moet Ramazan terugkomen met zijn tante.

Herma zit tante flink achter de broek om ervoor te zorgen dat ze op tijd terug gaat naar het ziekenhuis. Dan krijgen we zondagavond het telefoontje waar we al bang voor waren. Tante heeft geen geld om naar het ziekenhuis te gaan. Kosten: 3 euro. Met kunst en vliegwerk weten we tante het benodigde geld te bezorgen.

’s Avonds krijgen we een telefoontje. Tante en Ramazan blijven een nachtje in het ziekenhuis. Ze worden dinsdag verwacht i.p.v. maandag.

Dinsdag krijgen we een telefoontje dat tante eerst geld moet betalen bij de receptie voordat een doktersconsult mogelijk is. Gelukkig kennen we de financieel directeur van het ziekenhuis en via een telefoontje wordt dit probleem ook opgelost.

Later die dag komt voor ons het verpletterende bericht; Ramazan kan niet geopereerd worden. De reden wordt ons pas duidelijk als we de volgende dag van tante de papieren van het ziekenhuis krijgen. Ramazan lijdt aan de ziekte van Duchenne. Vaag weten we dat dit ernstig is. Google brengt helderheid:

“Als je met Duchenne spierdystrofie wordt geboren, breken je spieren langzaam maar zeker af en word je steeds minder sterk. Kleine kinderen met Duchenne vallen vaak en kunnen niet goed rennen. Als het lopen niet meer gaat worden ze afhankelijk van een rolstoel (meestal rond 10-12 jaar). Wanneer de spieren die voor ademhalen nodig zijn te zwak worden is beademing nodig (meestal rond de 20 jaar). Ook de hartspier wordt steeds zwakker waardoor Duchenne spierdystrofie uiteindelijk een fatale ziekte is. Dankzij beademing en het gebruik van (hart)medicatie is de levensverwachting de afgelopen jaren toegenomen. De helft van de patiënten wordt nu ouder dan 30 jaar. De ziekte wordt veroorzaakt doordat een eiwit, nodig voor de stevigheid van de spiercellen, niet kan worden gemaakt door een fout op het X-chromosoom. Omdat deze fout op het X-chromosoom zit, zijn het vooral jongetjes die Duchenne spierdystrofie hebben. Wereldwijd 1 op de 3500 jongetjes. In totaal meer dan een kwart miljoen.”

We zijn er kapot van. In gedachten zagen we Ramazan al vrolijk rondlopend, verlost van zijn handicap. En nu dit! We nemen contact op met Anita, die binnenkort naar Oeganda komt om rolstoelen te doneren aan gehandicapte kinderen.

Dan blijkt dat Ramazan al een rolstoel heeft gehad. Navraag leert dat deze rolstoel kapot is en thuis bij vader staat. Anita zegt toe met een nieuwe rolstoel te komen. Dat gebeurt. Ramazan krijgt zijn rolstoel net nadat tante is begonnen zijn haar te knippen. Ramazan gaat nu terug naar zijn vader. Het Lejofonds betaalt het schoolgeld zodat hij naar school kan.

Nu is het zaak na te gaan hoe Ramazan het beste begeleid kan worden en hoe zijn omgeving geïnformeerd moet worden. Hoe kan hij, diep in de binnenlanden, de zorg krijgen die hij nodig heeft? Henri, onze onderwijzer, ober en accountant heeft toegezegd als coordinator te willen fungeren.


Van het kastje naar de muur en met je hoofd tegen die muur lopen

In aflevering 4 doen we onder de titel “Het loopt al gauw in de papieren” verslag van onze pogingen een ngo-certificaat voor het Lejofonds te krijgen.

Belangrijkste struikelblok is het missen van een bewijs van goed gedrag. Na veel problemen is dit stukje papier uiteindelijk vanuit Nederland gearriveerd in Oeganda.

We doen daarom hernieuwde pogingen om voor ons vertrek een volledige aanvraag bij de NGO raad in Kampala in te dienen. Als alles meezit, moet dat nog lukken.

Ons samengestelde dossier moet nog van een handtekening en stempels worden voorzien door mister Deo, de districtscoördinator, een vervelend mannetje weten we uit eerdere ervaringen.

Mister Deo neemt het dossier in ontvangst en geeft aan een paar dagen tijd nodig te hebben om het te bestuderen. Als we na een paar dagen terug bellen, blijkt dat mister Deo er niet aan toe gekomen is en we weer en aantal dagen moeten wachten.

Dan krijgen we van Adams, onze Oegandese medewerker, bericht dat mister Deo aanvullende informatie wenst. Voor ons zijn de rapen gaar.

Op naar mister Deo.! Als hij ons plichtmatig vraagt: “How are you?” antwoorden wij voor hem onverwachts “Not fine”. En dan zeggen we ronduit wat we van zijn manier van doen vinden. Luid trompetterend stampt een olifant door de porseleinkast.

“Geen handtekening? Ook goed!”, geven we aan, “geef het dossier maar terug, we gaan er rechtstreeks mee naar Kampala en dienen tegelijk een klacht in over mister. Deo”.

Mister Deo is intussen ineengeschrompeld tot een haast zielig mannetje en ietwat stotterend geeft hij aan dat het dossier zo wel in orde is. Deze horde is genomen. We nemen afscheid van mister Deo met de woorden “Deo gratias”.

Tot onze onaangename verrassing komt Adams met de mededeling dat er nog twee hordes genomen moeten worden. Het zijn voor ons onbekende instanties waar we naar toe moeten. Eerst moeten we naar ene mister Jesse. Op een afgesproken tijd is mister Jesse niet aanwezig. Dan gaan we eerst naar de volgende, de hoogste instantie in deze serie van drie.

Maar dat mag niet van de secretaresse. We moeten de juiste volgorde aanhouden. Eerst moeten we op mister Jesse wachten.

Dat is aan ons om te bepalen vinden we en we eisen het dossier op en gaan ermee naar de voor ons onbekende hoogste instantie met een voor ons onbekend persoon. Die persoon krijgen we niet te zien. Wel zien we binnen de kortste keren zijn handtekening. Kat in het bakje.

Op naar Kampala. Op naar de NGO raad. Twee dagen voor ons vertrek naar Nederland kunnen we het dossier indienen. Het dossier is compleet. De checklist hebben we nog eens doorgenomen.

Maar dan blijkt dat een lid van de NGO raad daar heel anders over denkt. Nu moeten we nog een aanbevelingsbrief halen bij het ministerie van Gender en het ministerie van Foreign Aiffairs. Als we daarna nog even 250 dollar willen betalen…..Ja, hallo! Het certificaat kan van ons gestolen worden.

Thuis bellen we een ander NGO-raadslid, Patrick, die ons is aanbevolen als er problemen zijn. De volgende dag, onze laatste dag, zijn we weer in Kampala. Patrick helpt ons prima. Onder het betalen van de 250 dollar komen we niet uit. Daarvoor moeten we naar een apart gebouw. Jawel, lunchtijd, alles gesloten. Wachten kan niet meer. We moeten nog teveel dingen afronden. In het zicht van de haven stranden we.

We dragen de zaken over aan Adams.






11. Grijp je kans!

Seeta Nazigo kent de geboorte van twee nieuwe projecten: Project “Goat to Goat2”, naar een nieuw model en het project Solar Cooking. Het geboortefeest ontbreekt nog. De uitgifte van geiten is daar een mooie gelegenheid voor.

De televisie heeft belangstelling voor het gebeuren, maar zij vragen een te hoge onkostenvergoeding naar onze smaak. De chairman van LCO2 komt wel en dat vindt men in Seeta Nazigo een hele eer.

Daniel, de coördinator van het project, is de vorige dagen op pad geweest om een dertigtal geiten te kopen. Een hele klus. De geiten staan in de buurt van Mukono gestald en worden in alle vroegte naar Seeta Nazigo gebracht. Uiteindelijk zullen er meer dan 45 geiten uitgegeven worden. Dat aantal is nu, op zo’n korte termijn niet haalbaar.

‘s Middags om twee uur is de start van het gebeuren. Als wij om half twee op de plaats van bestemming komen, is het al verrassend druk. Naast volwassenen zijn er ook veel kinderen. De Parabolic Cooker en de CooKits worden buiten opgesteld en trekken veel belangstelling. Onze chauffeur is er als de kippen bij om uitleg te geven. Hij heeft geholpen de Parabolic Cooker in elkaar te zetten en weet hoe het werkt. Hoogtepunt voor hem is een paar stokjes in brand te laten vliegen om de kracht van de Parabolic Cooker te tonen. Hij is duidelijk weer terug in ziijn jeugd.

De ruimte die we normaal gebruiken voor “meetings” is te klein om alle belangstellenden te bergen en dus verhuizen we naar een grotere ruimte. Als Daniel de loop van de bijeenkomst aangeeft via een groot vel papier, wordt duidelijk dat er veel sprekers zijn en dat het dus een lange zit wordt. Oegandezen zijn dol op toespraken, zo lang ze die zelf kunnen uitspreken Plotseling ontdekken we de chairman van LCO1. Uiteraard doet hij ook een woordje en dan blijkt zowaar dat hij een splinternieuwe broek aanheeft. Dat is een dure bijeenkomst voor hem.

Voor het Lejofonds mag Leo een woordje doen. Hij schetst in het kort de ontwikkeling van beide projecten met daarin de samenwerking van de verschillende basisscholen en de moeilijke situatie waarin deze zich bevinden.

Juist vandaag is de renovatie van het kantoor van mister Stephen afgerond. Leo biedt hem dan ook een serie leermaterialen aan nu deze veilig opgeborgen kunnen worden. Dit initiatief oogst veel waardering.

Zeer veel indruk ook maakt de speech van de chairman van LCO2, mister Jim Kato. Wanneer hij na zijn speech weer naast Leo komt zitten, geeft hij in het kort de inhoud van zijn speech weer: Het Lejofonds is van ver gekomen om mensen hier te steunen en een kans te geven zich te ontwikkelen. Het is nu aan de mensen zelf deze kans te grijpen. Het zou dan ook zo moeten zijn, dat als de vertegenwoordigers van het Lejofonds na verloop van tijd terug keren, zij een duidelijke vooruitgang kunnen constateren.

Dan is het tijd om een “member committee” te kiezen. Hoogtepunt van de middag is het uitreiken van de geiten en de CooKits.

De veearts heeft de geiten en bokken in groepjes verdeeld. Bij elk groepje staat een kind met een nummer.

Herma heeft ook papiertjes gevouwen met een nummer erop. Hier kiezen de deelnemers een papiertje. En dan is het spannend te ontdekken welke nummers met elkaar corresponderen en wie dus welke dieren krijgt.

Gelukkig is er alom tevredenheid. En dat straalt men nog meer uit als de CooKits worden uitgedeeld. Op de terugweg zegt Daniel, de coördinator tegen ons dat de mensen in Seeta Nazigo veel respect hebben voor wat het Lejofonds voor hen doet. De chauffeur bevestigt spontaan zijn woorden.