8 december 2011

Moe-zoen-goe-road

We wonen in Nabuuti, even buiten het centrum van Mukono. Als we de hoofdweg verlaten, komen we al snel op een onverharde weg die naar ons huis leidt. Aan weerszijden van de weg tref je kraampjes aan waar mensen met de verkoop van vaak wat groenten en fruit iets proberen te verdienen.

Deze weg zonder naam hebben we nu verheven tot Muzungu Road ( Moe-zoen-koe-rood). Elke keer als we deze weg bewandelen, naar het centrum of omgekeerd, horen we van alle kanten : Moe –zoen-koe! In Oeganda staat muzungu voor blanke. En als je dan opkijkt waar het geluid vandaan komt zie je vrolijke kinderen die je enthousiast toezwaaien.

Zoveel enthousiasme vraagt om een reactie. Die komt in een zwaai waar de koningin zich bepaald niet voor hoeft te schamen. Maar daar nemen een aantal kinderen geen genoegen mee. Ze blijven roepen en zwaaien totdat je voor een tweede keer reageert.

Het lijkt wel of elke keer een soort tam- tam de boodschap verspreidt. Zijn we nog maar bij de plaats waar men bananen verkoopt dan zien we verderop al kinderen beginnen te zwaaien.

Meestal hebben kinderen ons het eerst in de gaten. Soms, wanneer ze wat verder van de weg spelen, zien ze ons, wanneer we al bijna gepasseerd zijn. Dan moet even een sprintje getrokken worden om onze aandacht te vangen. Sommige ‘ve rkoop-huis-stalletjes’ hebben een deur, waar een doek voor hangt of wat daar voor door gaat. Kinderen die daar achter zitten, hebben ons meestal niet in de gaten waardoor we ongestoord door kunnen lopen. Meestal …….. sommige doeken vertonen enorme, laten we maar zeggen ‘kijkgaten’.

Bij de ‘banananenverkoop’ staan we meestal even stil om een paar bananen te kopen voor tussendoor. Tomaten voor het ontbijt kopen verderop bij ons favoriete stalletje.

Moeder staat achter het kraampje en soms zit ze eronder. Haar kinderen zitten naast de kraam als ze uitgespeeld zijn.

Af en toe blijft het muzungu-geluid weg. Het regent!




8 december 2011

Sinterklaas bericht het Lejofonds in Oeganda

Beste mensen van het Lejofonds,

Na uw site bekeken te hebben ben ik onder de indruk van al uw activiteiten. Graag wil ik, als Sinterklaas ook mijn bijdrage aan leveren.

Hoe? Al 16 jaar speel ik op de PC school de Enk in Eerbeek Sinterklaas. Na schooltijd worden gezinnen bezocht en deze betalen voor het bezoek van Sint en de Pieten. Het geld gaat altijd naar een goed doel waar kinderen een prominente plaats in moeten hebben.

Zo hebben wij reeds een bijdrage kunnen geven aan o.a. Ronald Mac Donald, Kika, Clinic Clowns en Compassion. Dit jaar werd ik geattendeerd op het Lejofonds.

Mijn SINTERKLAASbijdrage wil ik graag doneren aan jullie prachtige goede doelen. Uiteraard moet ik nog even ruggespraak houden met de Pieten, en ik hoop ook hun te kunnen overtuigen van jullie fantastische fonds. Zo snel mogelijk laat ik van me horen.

Vr gr. De Sint.


Beste Sinterklaas,

U begrijpt, nu wij in Oeganda zitten, dat we in het geheel niet verwachten dat u bij ons op bezoek komt. Het is verbazingwekkend dat u daarvoor de tijd gevonden heeft. Tegelijkertijd moeten wij zeggen dat uw boodschap meer dan indrukwekkend is. U bent met recht een Goedheilig man!

Wij weten dat u een groot hart heeft, speciaal voor kinderen. U maakt nu ook duidelijk dat dit grenzenloos is. Daar hebben wij een grenzenloze bewondering voor.

Wij begrijpen dat u tot dit alles niet in staat bent zonder de hulp van u trouwe Pieten. Uit de liedjes die over u gezongen worden weten we dat de Pieten soms knechten worden genoemd. Dit is uiteraard niet denigrerend bedoeld. Maar er spreekt wel een dienende rol uit.

Hieruit trekken wij de conclusie dat de Pieten mee gaan in uw besluit. U spreekt de hoop uit de Pieten te kunnen overtuigen. Wij zijn daar zeker van. Wie anders dan Sinterklaas heeft overtuigingskracht? Uiteraard is het goed dat ook de Pieten op de hoogte zijn van de activiteiten van het Lejofonds in Oeganda.

Sinterklaas, nu wij ons toch tot u richten, willen we graag ook een verzoek doen. Wij zijn ervan overtuigd dat u een dezer dagen contact heeft met de heer Geert Wentink. De heer Wentink is een grote fan van u, zoals u ongetwijfeld weet. Zou u de heer Wentink de welgemeende groeten van ons willen doen en hem veel success wensen met zijn activiteiten voor de ouders van de PC basisschool De Enk in Eerbeek? Alvast hartelijk dank daarvoor.

Ach, Sinterklaas, op de valreep nog een tweede vraag: Mocht u de Pieten niet weten te overtuigen, we kunnen ons dat niet voorstellen, maar je weet maar nooit, zou u dat ons willen berichten? U begrijpt dan willen we u een handje helpen.

Beste Sinterklaas, het is warm in Oeganda. We kunnen het ons dan ook moeilijk voorstellen dat het guur weer is in Nederland rond uw verjaardag.

We wensen u heel veel sterkte met het voor u onaangename weer, laat u verwarmen door de harten van de kinderen. Weest u astublieft voorzichtig.

Voor straks wensen we u een veilige terugreis naar Spanje. Heel hartelijk dank dat u de tijd gevonden heeft en de moeite heeft willen nemen een uitstapje te maken naar Oeganda.

Vanuit Oeganda wensen we u het allerbeste.

Namens het Lejofonds,

Leo en Herma Annyas


Het is vijf December geweest. Sinterklaas is niet langer incognito. We willen dan ook de heer Geert Wentink uit Eerbeek geweldig bedanken voor zijn Sinterklaasactiviteiten. De Pieten zijn nog incognito. Maar daarom niet minder dank!

Inmiddels kennen wij de opbrengst van dit geweldig initiatief. Vorstelijk!




4 december 2011

02. De weg kwijt

Vanaf nieuwsbrief 13 maken we al melding van de explosief gestegen kosten van levensonderhoud in Oeganda. In nieuwsbrief 15 berichten we over de noodoproepen om hulp op internet.

Ook de projectschool Good Samaritan raakt in de problemen. Voor “director” van de school, die ook de coordinator van het project “Goat to Goat” is, gaat de meeste aandacht uit naar de problemen van de school en het vinden van oplossingen daarvoor.

Uit nieuwsbrief 17 wordt duidelijk dat hij niet de juiste oplossingen heeft gevonden. Integendeel. Hij heeft gelden, beschikbaar gesteld voor het project, aangewend om problemen van de school en zichzelf op te lossen. Hij is duidelijk de weg kwijt.

Reden voor het bestuur van FDEDEPO, de stichting waarmee het Lejofonds samenwerkt, hem het coordinatorschap te ontnemen en hem uit de functie van “director” van de school te zetten.

Het bestuurslid wordt gehouden geleden schade te vergoeden. Hij heeft daar inmiddels mee ingestemd.

Dit alles heeft in de afgelopen tijd tot intensieve email-en Skype contacten geleid met Oeganda.

Nu Leo en Herma Annyas voor het Lejofonds in Oeganda zijn, kunnen zij zich een goed beeld vormen van de actuele situatie. Dit betreft dan zowel het project “Goat to Goat” als de malversaties van de coordinator/director.

Dat betekent vele gesprekken voeren met mensen uit de verschillende sub-counties. De agenda loopt dan ook snel vol.

Het is regenseizoen. De meeste dagen is het bewolkt, maar wel met een aangename temperatuur. Dagelijks kun je regenbuien verwachten, soms kort en hevig, maar ook wel langdurig.

Bijna alle wegen zijn onverhard. Na flinke regenbuien worden de onverharde wegen gevaarlijk glad. We laten het dan uit ons hoofd om een boda boda, een motortaxi te nemen als we ergens naar toe gaan.

Wanneer we na forse regen naar Seetah Nazigo moeten, 20 km verderop, voor een gesprek met een “executor” van het project, huren we een auto met chauffeur. Buiten een boda boda is dit de enige mogelijkheid om in Seetah Nazigo te komen.

Het vereist heel wat stuurmanskunst om kuilen en gaten te ontwijken en toch op de gladde weg te blijven. Het lukt de chauffeur wonderwel. Maar als hij een gestrande vrachtwagen moet ontwijken, raakt hij in de berm en rijdt zichzelf vast.

Niemand kijkt daar van op. Men komt al met een schep aanlopen om de auto uit te graven, wat uiteindelijk lukt.

We komen later in Seetah Nazigo aan. Geen enkel probleem. Niemand verwacht hier dat je op tijd komt. Europa heeft de klok, Afrika heeft de tijd.




4 december 2011

De eerste ronde

Om zelf een helder en actueel beeld van het project “Goat to Goat” te krijgen, besluiten we alle families te bezoeken, te beginnen bij de sub-county Mukono Town Council. De veearts gaat mee voor behandeling en verzorging van de geiten.

Wanneer de veearts op zich laat wachten – Afrika heeft de tijd – bezoeken we zelf de eerste families.

Uit het niets komt plotseling een meisje aangerend en vliegt Leo om de hals. Het is Nifah. Ze troont ons trots mee naar huis. In een te kleine stal staat een geit die in goede conditie is. Nifah is zichtbaar trots.

Vorig jaar hebben we deze familie, die zeer arm is, nog eens extra bezocht om kleren voor de kinderen te brengen. Herma is benieuwd of de kleren er nog steeds zijn en vraagt dat aan Nifah. Het wordt lachend bevestigt. Als Herma vraagt of ze dat kan zien, gaat Nifah naar binnen. Het duurt even voordat Nifah terugkomt. Ze heeft zich omgekleed. Gewillig poseert ze in de kleding die ze vorig jaar heeft gekregen.

Bij de volgende familie komt oma Medina, luid roepend, gillend is misschien beter, het huis uitgerend,om Leo te omhelzen. Zij ook. Waar komt die aantrekkingskracht toch vandaan? Oma is enthousiast en blijft een poosje rondlopen met de handen zwaaiend als een fladderende vogel.

Dan vraagt ze naar de c.d. Het duurt even voordat het tot ons doordringt. Maar dan herinneren we ons dat oma begin dit jaar een c.d. heeft opgestuurd waarop zelfgezongen liederen opstaan. Verbazendwekkend goed gezongen staat ons nu weer helder voor de geest.

Wanneer de veearts eindelijk gearriveerd is, besluiten we eerst naar de verste familie te gaan. En dat betekent een ritje met de boda boda. Wanneer de veearts de boda boda rijders duidelijk heeft gemaakt waar we heen moeten scheurt de boda boda rijder van Leo weg om pas wee r te stoppen wanneer Leo aangeeft dat we duidelijk te ver zijn.

Nu blijkt dat de boda boda rijder niet begrepen heeft waar we heen moeten. De anderen zijn uit het zicht. Leo is geen “mobielhouder”. Er zit niets anders op dan terug te keren naar het beginpunt en te wachten op de anderen.

Wanneer die terug zijn, hebben we de boda boda rijders niet meer nodig. We kunnen onze ronde lopend doen. Het is soms kruip door, sluip door, over verschillende erven van anderen lopend, om bij families te komen die bij het project behoren.

Onderweg worden we nog getrakteerd op een forse regenbui. Schuilen dus. Gelukkig is de regenbui van korte duur.

Als we bij een familie komen waarvan de stal niet inorde is, vraagt Herma wanneer dat wel het geval is. Over twee weken krijgt ze als antwoord. Deal! Over twee weken staan we hier weer ‘op de stoep’.

Over het algemeen kunnen we constateren dat de verzorging van de geiten inorde is. Aan verschillende stallen mankeert nog het nodige. En kennelijk hecht men niet veel waarde aan het bijhouden van het registratiesysteen, want er ontbreken gegevens. Werk aan de winkel.




4 december 2011

Spelen met en smullen van sprinkhanen

In Nederland zie je de laatste jaren minder kinderen op straat. De uitdaging ligt thuis achter de computer.

In Oeganda betekent thuis vaak een hutje, waar electriciteit ver te zoeken is, laat staan een computer. Kinderen leven en spelen er buiten. Kant en klaar speelmateriaal is er niet. Daar moet je zelf wat voor verzinnen.

Een prop kranten en wat elastiek erom en je hebt een voetbal. Een lege plastic fles, wat doppen en wat ijzerdraad en je hebt een voertuig, een leeg pak drinken met een elastiek erom en je hebt een muziekinstrument.

Soms helpt de natuur een handje. Het is sprinkhanentijd. En dat betekent jacht maken op de sprinkhaan. Een spel op zich. sprinkhanen vangen

Heb je eenmaal een sprinkhaan gevangen dan heb je een stuk speelgoed. Als jong,enthousiast kind heb je niet in de gaten dat je de sprinkhaan te hard vastpakt waardoor hij direct al bijna het loodje legt.

Stevig vasthoudend laat je het beestje overal aan snuffelen. Het rooster voor het raam is erg geschikt om zijn kopje doorheen te duwen. En dan eens kijken of het beestje nog kan vliegen. Een hoge opgooi. De sprinkhaan dwarrelt als een propeller naar beneden, maar leeft nog steeds. Zo kun je ook een wedstrijdje doen. Wie gooit de sprinkhaan het hoogst, of welke sprinkhaan komt het laatst op de grond? De jonge kinderen genieten er zichtbaar van. Dat geldt duidelijk niet voor de sprinkhaan.

De oudere kinderen maken fanatiek jacht op de sprinkhaan. Ze rennen de benen uit het lijf om zoveel mogelijk exemplaren te vangen. Ze hebben een plastic zakje bij zich om de vangst in te doen. sprinkhanen vangen

Sommige kinderen hebben al een aardig zakje vol. Bij het openen ervan zie je een groene massa, waarvan een deel traag beweegt. Thuis wacht de pan, want de sprinkhaan is een lekkernij.

Ook voor de volwassene is de sprinkhaan een om te smullen. Daarvoor hoeven zij niet te rennen, vliegen of draven. Straatverkopers komen je tegemoet met een plastic ton vol geroosterde sprinkhanen. Smakelijk eten!

Op eerste Kerstdag verscheen hierover een artikel in het AD. sprinkhanen vangen




29 november 2011

01. Het Lejofonds in Oeganda, 2011

Inleiding

Leo en Herma Annyas zijn voor het Lejofonds terug in Oeganda. November 2011. En dat betekent zoals in de laatste nieuwsbrief is aangegeven dat verslagen vanuit Oeganda de nieuwsbrieven grotendeels vervangen tijdens hun verblijf daar.

Elk verslag bestaat uit twee of meer gedeelten. Het “hoofdverhaal” heeft altijd een relatie met de projectactiviteiten van het Lejofonds. De andere verhalen zijn vaak sfeerverhalen of geven achtergrondinformatie.

Het eerste gedeelte van het eerste verslag verhaalt over het weerzien met de dove kinderen van de Bishop Westschool, waarvan een aantal kinderen door steun van het Lejofonds naar school kunnen gaan. Aansluitend vertellen we over de laatste schooldag.

Het tweede verhaal geeft de reis naar Oeganda weer, het verblijf in Kampala en de aankomst in Mukono.

1a.Thuiskomen op Bishop West

We zijn terug in Mukono, onze standplaats. We kijken uit naar het weerzien met onze dove vriendjes, die met steun van het Lejofonds op de Bishop Westschool verblijven. Als een doof kind van het internaat ons ziet dan gaat de tam-tam werken. In dit geval staat de tam-tam voor gebarentaal.

Het is dit keer niet anders. We komen het terrein op en zien direct enkele kinderen wijzen en gebaren. Uit onverwachte hoek komt James aangerend. Hij vliegt Leo om de hals, pakt daarna zijn hand beet om die voorlopig niet meer los te laten. De andere hand gebruikt James om Leo enthousiast op de schouders te kloppen.

In het kielzog van James komt Batu aangevlogen, de jongen die op de openingspagina van de website van het Lejofonds staat. Zij vormen de voorhoede. Daarna is er geen houden meer aan.

Het is een gekrioel om ons heen van allemaal bekende kinderen die allemaal aandacht willen. Enthousiasme alom, maar toch blijft het oorverdovend stil. Om dat blijkbaar te compenseren wordt er aan je getrokken en geplukt.

Herma deelt fotoboekjes uit. De afgebeelde foto’s hebben we voorzien van tekst. Batu en James kunnen de teksten lezen. Ze doen dat met gebarentaal. De andere kinderen kijken aandachtig toe en sommigen volgen de gebarentaal. Schitterend om te zien.

Ook voor Agnes, een doof meisje met verstandelijke beperkingen, is er een fotoboekje. Verlegenheid en blijheid strijden bij Agnes om voorrang.

James en Alex kunnen we al een bladzijde laten zien van een prentenboek wat gemaakt wordt door Yolanda Kloppenburg uit Nieuw Zeeland en waarin zij een rol spelen. Glunderende gezichten.

Het bezoek aan de Bishop Westschool is onverwachts en onaangekondigd. Bij het verlaten van het terrein komen we mister Moses, de headmaster tegen. Jammer dat we geen video bij ons hebben om zijn ongeloof en verbazing vast te leggen. Wat wel vastgelegd is, is de omhelzing tussem Moses en Leo.

Een geanimeerd gesprek volgt waarbij de nodige schouderklopjes worden uitgedeeld.

Bishop West. Het voelt weer als thuiskomen. Morgen zijn er festiviteiten i.v.m. de laatste schooldag. Voor mister Moses is het duidelijk: We hebben geen andere keus, we zijn er bij. En dat doen we graag.

De festiviteiten beginnen om 10 uur ‘s morgens. Maar mister Moses heeft al aangegeven dat dit geen Europese tijd is. Als we tegen twaalf uur komen, is dat nog vroeg genoeg. Dat doen we. Allereerst gaan we naar de dovenafdeling waar ouders in de loop van de dag hun kinderen ophalen.

Tot onze vreugde horen we dat Alex door zijn moeder wordt opgehaald. Een paar jaar geleden vonden we Alex in de binnenlanden bij zijn grootmoeder die nauwelijks in staat is om hem te verzorgen, laat staan opvoeden omdat zij voortdurend dronken is. Alex moeder is met onbekende bestemming vertrokken. Over de vader is weinig bekend. Hij schijnt aan de drugs te zijn en een verblijfplaats is niet bekend. Met steun va het Lejofonds is Alex naar het internaat van de Bishop Westschool gegaan. In de vakanties verblijft hij in een gastgezin. Nu is moeder weer terug als moeder. Prachtig om te zien.

Plotseling vliegt iemand Herma om de hals. Het is Monica, leerkracht aan de dovenafdeling. Handvaardigheid is haar hobby. Via het Lejofonds en Herma heeft zij vorige keren de nodige materialen gekregen om handvaardigheid te geven. De dove kinderen krijgen dit nauwelijks onderwezen omdat materialen te duur zijn. Zij genieten er ontzettend van hebben we zelf kunnen constateren.

Onmiddellijk zijn Herma en Monica in gesprek over nieuwe mogelijkheden. Er wordt een afspraak gemaakt om in de vakantie verder te overleggen.

We bezoeken dans-en toneelspelactiviteiten van de andere basisschoolkinderen. Maar telkens keren we terug naar onze dove vriendjes om hen gedag te zeggen. Rachel, het meisje met de mooie blauwe ogen, hebben we gisteren gemist. Vandaag kunnen we haar ook een fotoboekje geven. Prachtig om weer te zien hoe er met gebarentaal wordt gelezen. Zij geniet, wij genieten.

Het is vakantie. Eind januari begint het nieuwe schooljaar. Enkele dove vriendjes zullen we thuis nog bezoeken. De rest zien we pas terug in het nieuwe schooljaar. We zullen ze missen.

1b.Terug in Oeganda

Het is tien uur vliegen van Brussel naar Entebbe. Dat is wat anders dan tien uur reizen.

Stel je voor dat je te maken krijgt met files onderweg. Dus ga je voor dezekerheid wat eerder weg. Natuurlijk veel te vroeg, achteraf gezien. Maar dat is achteraf.

In Cairo is er een tussenstop. Lekker even de benen strekken . Daarna weer inchecken. En dan is het op naar Entebbe. Denken we. Wanneer de motoren gestart worden, horen we slechts een rochelend geluid alsof de accu leeg is. Na een uurtje proberen, worden we verzocht uit te stappen . We worden met bussen terug gebracht naar de vertrekhal. Daar begint het grote wachten en het grote stilzwijgen.

Uiteindelijk worden we zonder verdere mededelingen naar een ander, althans dat vermoeden we, vliegtuig gebracht. Die vliegt. We komen drie uur later aan in Entebbe, niet om half vier ‘s nachts, maar om half zeven ‘s morgens. Niet in het donker, maar bij licht. Het bestelde busje – we hebben erg veel baggage – staat er. We worden naar Kampala gebracht waar we overnachten. We zien deze route nu eens bij daglicht. Maar wat we ook zien op dit tijdstip zijn veel files. Het ritje duurt veel langer dan normaal.

Zondagsmorgens zijn we om 10 uur vertrokken uit Maria Hoop. Maandagochtend om 9 uur komen we aan in Kampala.

Je steekt je neus buiten de vliegtuigdeur en je ruikt onmiddellijk dat we in Oeganda zijn. De files tot in het centrum van Oeganda vormen ook een AHA- erlebnis. En die volgen er meer. Sta je met de auto te wachten bij het stoplicht dan komen allerlei straatverkopers langs om van alles en nog wat proberen te slijten. Een stinkend baantje! Op de stoep kom je kinderen tegen die niet of nauwelijks kunnen lopen, maar wel al geleerd hebben hun hand uit te steken in de hoop een paar centen te vangen.

Het is druk in Kampala, het is druk en het stinkt. Stank van uitlaatgassen, stank van zwetende mensen. En dat laatste is een echt pittig stankje. Stank van sigaretten ontbreekt, want in Oeganda wordt nauwelijks gerookt. Opvallend veel mensen houden een hand tegen het oor. Daar blijkt dan een mobieltje in te zitten. Want met een mobieltje schijn je hier geboren te worden.

In een restaurant krijgen we van een deodorantloos meisje dat duidelijk al een hele werkdag achter de rug heeft onze eerste Nile Special. De smaak van dit heerlijke bier vergoedt veel.

En tot ons eigen ongeloof weten onze begeleiders ons duidelijk te maken dat de terug weg echt het beste afgelegd kan worden met de door ons verfoeide boda boda, de motortaxi. En zo hoelahoelahoppen we door het verkeer, rakelings langs vele auto’s scherend. Het is duidelijk: we zijn terug in Oeganda.

Een paar dagen later zijn we terug in Mukono, een stadje op twintig kilometer afstand van Kampala, waar we de laatste jaren onze verblijfplaats hebben. Herkenning alom. De boda boda rijder, de taxi-chauffeur, de bediening in het restaurant, de eigenaar van een schoenwinkel, allen roepen ons aan. Binnenlopend in de supermarket springt het personeel overeind en is het de eigenares die ons om de hals vliegt. “Welcome back” en “we lost you” zijn de terugkerende uitroepen.

Wanneer we over het ‘taxipark’ lopen, worden we staande gehouden door een taxichauffeur. Of hij ons naar Bessanya Childrens Home kan brengen, de plaats waar we in 2009 een overnachtingsplaats hebben gehad en daarna niet meer.

Mukono, here we are again!


12 december 2010






































18. Terugblik

De eerste vier maanden van 2010 zijn we voor het Lejofonds in Oeganda geweest, gevolgd door een verblijf van meer dan twee maanden van begin oktober to na Sinterklaas. Er is veel gebeurd en gerealiseerd tijdens dit laatste verblijf. We kijken nog even terug.

Project “Goat to Goat”

  • - Samen met de coördinator, de uitvoerders en de veearts hebben we alle families binnen het project bezocht.

  • - Alle geiten en bokken zijn voorzien van nieuwe, genummerde oormerken. Op de oude oormerken stonden alleen namen, met stift geschreven. Dit bleek niet watervast.

  • - Waar nodig heeft de veearts de geiten en bokken behandeld, gevaccineerd en ontwormd.
    In elke sub-county is een seminar gehouden waar de veearts voorlichting heeft gegeven over het houden van geiten, de juiste voeding en de vereiste hygiene.
    Voor de families binnen het project “Goat to Goat” heeft een specialist “agriculture” voorlichting gegeven over het opzetten van een moestuin. De kosten voor de inrichting van de moestuin zijn betaald door het Lejofonds

  • - In elke sub-county zijn “member committees”, oudercomités opgericht die communiceren met de families die deelnemen aan het project en toezien op een goed verloop van het project.

  • - Het gehanteerde registratiesysteem is door ons herzien, aangepast en overgedragen aan de gebruikers;

  • - Er zijn nieuwe families geselecteerd en bezocht die, wanneer een goede stal gebouwd is, gaan deelnemen aan het project.

  • - Twee families met een gehandicapt kind stonden op de nominatie deel te nemen aan het project “Goat to Goat”. Er wordt nu eerst onderzocht of de kinderen geopereerd kunnen worden om van hun handicap verlost te worden. Indien dit mogelijk blijkt te zijn, zal het Lejofonds proberen de benodigde gelden te verkrijgen.

  • - Aan het project “Goat to Goat” nemen een aantal families deel met een gehandicapt kind. Deze kinderen gaan naar een “boardingschool”, een internaat. De kosten voor een internaat zijn hoog. Betreffende ouders hebben dan ook niet genoeg aan een geit om deze kosten te kunnen betalen. Tijdens ons verblijf hebben we deze families naast een geit een varken gegeven. Het bouwen van een stal is voorwaarde om een varken te krijgen. Het Lejofonds heeft een deel van de kosten op zich genomen.

Demonstrationfarm and knowledgecenter

Onze counterpart wil uitgroeien tot een “demonstrationfarm” en een kenniscentrum voor de regio om veel mensen in de omgeving sterker te maken en te helpen in hun strijd tegen honger en armoede. Het Lejofonds steunt hen hierin. Aanpassing van het terrein en gebouwen is daarvoor nodig.

  • - De toegangsweg tot het terrein is verbeterd. Daarbij is de waterafvoer geregeld.

  • - De bestaande gebouwen zijn van goten voorzien zodat het regenwater verzameld en gebruikt kan worden.

  • - De looppaden op het terrein zijn verhard zodat men na een regenbui niet door de modder hoeft te lopen.

  • - Op verschillende plaatsen zijn bij hoogteverschillen muurtjes en trappen aangebracht.

  • - De toegang tot de verschillende ruimtes is verbeterd.

  • - Er is een nieuwe keuken gebouwd, dichterbij de andere bestaande gebouwen. Voor de keuken zijn zitplaatsen gerealiseerd om te kunnen eten. Deze ruimte is zo ingericht dat het ook gebruikt kan worden voor buitenlessen of voor gebruik tijdens workshops en seminars.

  • - Een bestaand “officeblock” is meer dan verdubbeld waardoor er ruimte is ontstaan voor een kantoor voor het project “Goat to Goat, een ruimte voor het team van de school, een magazijn voor het tuinproject en huisvesting voor personeel.

  • - Een bestaand lokaal is geheel gerenoveerd zodat het ook geschikt is voor het houden van workshops en seminars.

  • - De gebouwen zijn geverfd en van afbeeldingen voorzien zodat ze niet langer een wat verwaarloosde indruk maken maar een eigentijdse uitstraling hebben.

  • - De tuin van de “demonstrationfarm” is voorzien van een irrigatiesysteem.

  • - De school is onderdeel van de “demonstrationfarm “en knowledgecenter”. De oudste kinderen krijgen een schooltuin. Het team selecteert het curriculum op onderdelen die onderwezen kunnen worden in de praktijk, in de “demonstrationfarm”. In de “garden” zijn kweekbedden ingericht, is ruimte voor experimenten, zijn voorbeeldmoestuinen aangelegd.

  • -Geiten, kippen, varkens en eenden zijn gehuisvest op de “demonstrationfarm”.

Dove kinderen

  • - Dove kinderen van families uit het project “Goat to Goat” gaan naar de Mulogoschool in Kampala en de Bishop West in Mukono. De kinderen van de Mulagoschool hebben we bezocht. Op de Bishop Westschool zijn we vele malen geweest.

  • - De afdeling van de doven op de Bishop Westschool hebben we voorzien van vele handvaardigheids- en onderwijsmiddelen die we verkregen hebben vanuit donaties in Nederland.

  • - Een kerndocent hebben we instructie gegeven hoe hier mee om te gaan.

  • - Voorstellingen van theater Lejo hebben we met veel succes laten zien aan de dove kinderen.

  • - De ceremonie op de Bishop Westschool t.g.v. “de dag van disability“ hebben we als “guest of honour” bezocht.

Scholen

  • - M.b.v. donaties uit Nederland is er een begin gemaakt met de aanleg van een aantal toiletten voor de school Gods Glory. Daarmee is een dreigende sluiting voorkomen.

  • - Tijdens een aantal bijeenkomsten hebben we de directie van de Good Samaritan Integrated Primary School een aantal adviezen gegeven om de financiële situatie te verbeteren.

Adviezen

Door een tweetal organisaties in Mukono die actief zijn de situatie van arme mensen in Mukono te verbeteren is het Lejofonds gevraagd adviezen te geven inzake op handen zijnde projecten. Dat is gebeurd.

Er is hard gewerkt, er is veel gebeurd, er is veel gerealiseerd. Fred Migadde, onze counterpart, sprak bij ons afscheid zijn verbazing en verwondering erover uit: “Jullie hebben in twee maanden meer gerealiseerd dan de Oegandees in twintig jaar zou kunnen doen”. Dat lijkt ons wat overdreven.

Wat wij hebben kunnen doen, is alleen maar mogelijk geweest met de steun van vele mensen uit Nederland. Wij waarderen dit zeer. Ook vanaf deze plaats hartelijk dank daarvoor.


‘Vroeger’ en nu

De entree

Compound

Compound

Compound

Office

Office (achterzijde)

Office

Office (interieur)

Kitchen

Nursery

Klaslokaal


Silhouetten op de muren


12 december 2010

















17. Wat kun je doen met 350 euro?

Van een paar mensen in Nederland weten we dat ze via het Lejofonds een gehandicapt kind naar school willen sturen. Fred Migadde, onze counterpart, kent twee families die een gehanidcapt kind hebben dat niet naar school gaat. Ze wonen bij elkaar in de buurt.

We gaan er met de boda boda naar toe. Na tien minuten rijden, slaan we een zandpad in en stoppen even later.

Binnen de kortste keren staan er veel mensen om ons heen. Er wordt ruimte gemaakt voor een jonge vrouw die een buggy voortduwt met daarin een jongetje van vijf jaar. Die staat ineens oog in oog met twee muzungu’s. Hij slaat helemaal dicht.

Wanneer we vragen wat de handicap is, wordt het ventje uit de buggy getild. Duidelijk is dat hij niet op zijn benen kan staan. Moeder trekt nu zijn broek en onderbroek uit en wijst vervolgens op rug en benen. Moeder kan niet echt duidelijk maken wat er aan de hand is. Verlammingsverschijnselen?

Op de vraag of het ventje geopereerd kan worden en daarna weer kan lopen, is het antwoord tot onze verbazing ja. En weer is er verbazing als we de kosten van een dergelijke operatie horen: 350 euro! Stel je voor met 350 euro help je een kind van zijn handicap af en is hij niet langer aangewezen op de hulp van anderen.

350 euro! Hier is dat een onhaalbaar en onbetaalbaar bedrag. Zonder hulp van buitenaf is dit kind levenslangs veroordeeld tot het zitten in een buggy en/of rolstoel. Moeder ziet onze verbazing en wordt er emotioneel van.

Voor ons is het duidelijk: Naar school gaan is niet de eerste optie. Een operatie gaat voor.

Bij het tweede gezin komt een wat norse vrouw naar buiten. Ze is weinig toeschietelijk. Wanneer we vragen naar het gehandicapt kind, komt er uiteindelijk een jongen van negen jaar aanschuifelen. Hij beweegt zich voort op zijn hakken, zijn achterste sleept bijna over de grond, zijn knieën staan als staken omhoog.

Ook hier kan een operatie het kind van zijn handicap afhelpen. Hulp is hier nog meer nodig. De norse vrouw blijkt niet de moeder van het kind te zijn, maar de stiefmoeder. Stiefmoeders in Oeganda moeten niets hebben van hun stiefkinderen, dat weten we intussen maar al te goed.

Dit kind is ook nog gehandicapt. Deze stiefmoeder, zo horen we van Fred Migadde, heeft elk geloof in het kind verloren. Dit kind heeft voor haar geen waarde meer en is dus waardeloos. Hij wordt dan ook stelselmatig door haar genegeerd.

Hier worden wij wat emotioneel van. Hier moet iets aan gedaan worden.

De volgende dag horen we van Fred Migadde dat hij geregeld heeft dat beide kinderen nog voor Kerst onderzocht worden en er meer duidelijkheid komt over een mogelijke operatie.

Wordt vervolgd.